Karolien Olaerts - De absurditeit van afscheid

De absurditeit van afscheid

21 juli 2015 15.00 u.
En dan is er plots een gat. Een lege plek. Dat vertrouwde lichaam is levenloos. Die gekende stem stil. Dat was het dan. Ze is weg. Haar longen hebben haar laatste adem uitgeblazen. Haar hart heeft zijn laatste slag geslagen. Zoveel liefde, zoveel verdriet, zoveel tegelijkertijd. Opluchting, want ze heeft geen pijn meer. Ontreddering, want wij hebben geen moeder meer. En dan, nadat haar lijf een lijk is geworden en wanneer de tranen even pauze nemen, hoor je voor het eerst die klok.
5 dagen.
4 dagen, 23 uur, 59 minuten en 59 seconden. Vier dagen, 23 uur, 59 minuten en 58 seconden.
Er moet een begrafenis geregeld worden.

Afscheidsrituelen zijn er in alle maten, vormen en kleuren, afhankelijk van het geloof, het land en de streek in dat land. Een rouwbrief, een kist, bloemen, een ceremonie, een doodsprentje, een koffietafel, een grafsteen en klaar. Dat is de formule, hier bij ons. Begrafenisondernemers nemen het roer even over voor wie geen energie, moed of ruimte vindt om ietwat origineel of persoonlijk uit de hoek te komen. Voorgekauwde koek. Makkelijk door te slikken. Aangenaam, in tijden van totale wanhoop.

De voorgekauwde koek kon ons helaas niet smaken. Als je mijn broer, mijn zus en mij in een hokje zou willen steken, zou het dat zijn van de niet-gelovige, doch spirituele, kritische creatievelingen. Je kan stellen dat wij goed weten wat we willen. En vooral wat we niet willen. Niets voelde goed. Wat dat ook mag betekenen, als het over het begraven van je moeder gaat.
De map met voorbeelddoodprentjes, de foto’s van de bloemstukken, de menu’s van de koffietafels… Niet wij. En niet ons mama. Ook de categorie “minder gebruikelijk” leek al honderd en één keer gebruikt. Alsof elke dode nooit een mens was met een eigen persoonlijkheid, een eigen kleur. Wat een ontgoocheling.

Nog 4 dagen 18 uur, 46 minuten en 23 seconden.

We staken onze mistige koppen samen. Onbeschrijflijk lastig maakten we het onszelf. Maar dat moest dan maar even.
Mijn broer nam de muziek voor zijn rekening. Mijn zus de prenten voor de hare. En ik boog me over het eten.

Net als mijn moeder, ben ik een gastvrouwvrouw. Ik maak graag gezelligheid. Altijd veel te veel eten, alles in kommetjes en potjes, nooit iets in plastiek, altijd en overal kaarsen, steeds verse bloemen en altijd goeie koekskes voor bij de koffie. Dat heb ik van haar. En er was geen haar op mijn hele lijf dat er aan dacht om mijn moeder te herdenken boven industriële kriekentaarten en slappe sandwiches met kaas. Noch boven een zielloos driegangenmenu. Want dat zijn zo’n beetje de enige mogelijkheden die koffietafeletablissementen hier in ons Vlaanderen aanbieden. Koffietafeletablissementen hier in Vlaanderen staan er ook niet bepaald voor open om door andere cateraars hun koffietafeletablissement te laten inpalmen. Mensen vallen als vliegen en elke dag staat er een familie of twee of drie klaar om aan te schuiven voor taarten, sandwiches of driegangenmenu’s.
Moeder wou een feest. Met teveel lekker eten en mensen die haar ook na haar dood nog zouden bejubelen om haar gastvrijheid.
Een niet-koffietafeletablissement nemen dan maar?
Helaas. Volzet. Niet beschikbaar. “Binnen enkele maanden is er wel nog plaats.”

Nog 4 dagen 3 uur, 7 minuten en 48 seconden.

De begrafenisondernemer was een kwal. Maar we kozen hem toch. Hij was de enige in de ietwat nabije omgeving die een ietwat aangenaam zaaltje had waar we onze zin mee mochten doen. We moesten zijn bloemen niet kopen, zijn doodsprentjes niet gebruiken of zijn eten niet bestellen. En omdat er knopen doorgehakt moesten worden, snel, vertrouwden we het lichaam van ons zojuist overleden moeder toe aan een man in een smurfblauwe broek, een wit hemd met roze en gele streepjes en gouden juwelen. In het meervoud helaas. Maar we hoefden geen industriële kriekentaarten te eten. Hoera.

Ooit ging ik eens ergens brunchen. Het eten was van de hand van een jonge cateraar die zijn kunsten en waar in het café tentoon mocht stellen. Ik ben dag in dag uit bezig met voeding, koken en eten en dus niet zo snel onder de indruk. Maar zijn eten maakte mij blij. De aanblik, de geur, de smaak. En hoe vaak mensen ook opschepten, het buffet bleef er aanlokkelijk en rijk gevuld bijliggen. Ook daar zorgde hij voor. Tussen het kokkerellen door kwam hij af en toe uit de keuken om de schalen aan te vullen met zijn originele salades, fijne kazen en prachtige taarten. Eventueel gemors werd subtiel verwijderd en scheve menukaartjes werden weer rechtgezet. Ik zag het allemaal. De liefde, nauwkeurigheid en trots waarmee hij dit alles deed.
Hij kwam vragen of we tevreden waren. Ik complimenteerde hem en nam een kaartje mee. Voor misschien ooit, als ik eens een feest gaf.

Hij was nog vrij, op de dag van de ceremonie. Het was niet iets wat hij deed. Vrolijke familiebijeenkomsten, verjaardagen en trouwformules, dat wel. Hij vond het een vreemde gedachte, zo tussen al dat verdriet. Maar hij zei ja.

Nog 3 dagen 12 uur, 32 minuten en 15 seconden.

Verdriet is uniek. Rouwen ook. Wij verloren alle drie dezelfde moeder, maar ons omgaan hiermee was zo verschillend. We vormden wel een perfect complementair team en vertrouwden elkaar blindelings. De muziek werd atypisch, de prenten beklijvend persoonlijk en de koffietafel een feest. Met veel cava. Dat hadden we moeten beloven, vlak voor ze heen ging.

We vonden een bloemist die voor wild, ongetemd en kleurrijk durfde te gaan. We konden de begrafenisondernemer negeren, slaagden erin onze emoties in teksten en muziek te gieten en we pushten overal zo hard en zo lang tot we min of meer onze zin hadden. Het voelde beter. Niet goed genoeg. Er was te weinig tijd en er waren teveel compromissen. Maar ze was er graag bij geweest. Dat weet ik wel zeker.

Ik begrijp helemaal dat bestaande formules en standaarden troostend en geruststellend zijn. Ik kan er echter niet bij dat er zo weinig ruimte is voor variatie en persoonlijkheid bij het begraven van een geliefde. Want energie is er niet echt. Je bent vooral bezig met het ondernemen van zielige pogingen om de omvang van de gebeurtenis en de impact van het verlies te bevatten. En dan zijn vijf dagen ongeveer onmiddellijk gepasseerd. Tijd heeft geen betekenis meer en bepaalt tegelijk alles. Ik was nog niet klaar, na die ceremonie van vijftig minuten. Ik wou nog zoveel zeggen, maar wist niet wat.

Het was voorbij.

 

Hit enter om te zoeken of Esc om te sluiten